Droomproject

Van start

Pff, ik had geen zin meer om te wachten tot mijn pakketje met wol geleverd wordt. Met de drukte zou dat nog goed een maand kunnen duren. Dus ben ik toch maar al begonnen aan mijn droomtrui. Ik kon het echt niet meer uitstellen.

Mijn lopende projecten waren afgerond, dus zat ik deze week met mijn vingers te draaien en echt waar… ik kwam er zot van. Dus kan ik vandaag al mijn vooruitgang met je delen. Ik ben wel nog maar gisteren gestart, dus ik ben nog niet zo ver. Maar de boord onderaan is wel al klaar. En ik ben al gestart met het motief.

Boordsteek

Als je in tricotsteek breit, krullen de randen op. Dat is een van de zekerheden in het leven. En om dat te vermijden, brei je eerst een boord. Maar eigenlijk doet het veel meer dan dat. Het geeft ook mee vorm aan je kledingstuk. En het is daarom ook cruciaal bij een goed aansluitende trui.

Je hebt verschillende manieren om een boord te maken. De meest voorkomende is een afwisseling van rechts en averechts. Afhankelijk van de grootte van je project kan dat 1 steek rechts, 1 steek averechts zijn of 2 steken rechts, 2 steken averechts. En eigenlijk heb ik het zo ook steeds toegepast.

Maar voor deze droomtrui staat er omschreven om een gedraaide rechtse steek te gebruiken. Het is iets dat ik ook tegen kwam tijdens het breien van mijn sokken (waar ik volledig de mist in ging). Maar nu is het eigenlijk goed gelukt en het resultaat mag er zijn. Dit doe je anders. Je steekt je naald door de achterste lus van de steek. Voor de rest brei je zoals je een normale rechtse steek zou breien, dus met de draad aan de achterkant van je werk.

Een boordsteek brei je altijd met een kleinere naald. Voor de trui gebruik ik nr 6, dus heb ik voor de boord nr 5 gebruikt. En in de eerste rij na de boord volgt er ook meestal (maar dat is afhankelijk van het patroon) een meerderingsrij. Beide zorgen er voor dat je boord mooier zal aansluiten en vaster is van structuur. Want herken je sokken die helemaal afgedragen zijn en waarvan de rek er uit is? Wel, dan is het meestal de boord die uitgerokken is.

Maar eigenlijk hoef je je niet te beperken tot rechts-averechts. Bij mijn Oats and honey trui was het niet nodig om een boord te maken, omdat de steek op zich niet omkrult. Als je een mooie siersteek vindt, kan je deze ook gebruiken als boord.

Rondbreinaalden

Deze trui wordt rondgebreid, dus werk ik met rondbreinaalden. Maar dat doe ik eigenlijk altijd. Want het zorgt er voor dat ik een relaxere houding heb. Ik hoef geen naald onder mijn oksel vast te houden en daarbij automatisch mijn schouder mee op te spannen.

Maar dan denk je: “Wat als je dan aan het einde van je rij komt?” Wel, eigenlijk keer je ook gewoon je werk om. En dan brei je de terugkerende naald. Voila, plat breien met rondbreinaalden. Ik weet het, het is even een klik maken, want in het begin lijkt het zo raar. Maar ik ben alvast overtuigd.

Bij de Engelse methode heb ik wel ondervonden dat het lastig is, omdat je steeds de naald los laat en dan valt hij alle kanten op. Maar met de Continentale manier, hendelbreien en Portugees breien is het heel haalbaar.

Omdat ik na de boord wissel van naalddikte 5 naar 6, heb ik gekozen voor rondbreinaalden waarvan je de kop kan losmaken. Dan kan je het werk op de naalden houden en dat scheelt een hele hoop. En ook iets om in gedachten te houden als je hiervoor kiest: als je nieuwe naalden nodig hebt, hoef je maar enkel de punten te vragen.

Voor- en achterpand kan je zo in één stuk maken. Het lijkt dat je er langer mee bezig bent, omdat je de 2 stukken dan tegelijkertijd maakt. Maar eigenlijk is dat niet zo, want je rekent anders ook de tijd om de 2 stukken te maken. Het voordeel is gewoon dat jee ze later niet aan elkaar hoeft te naaien. En dat wil zeggen dat die naden ook niet kunnen los komen. Persoonlijk vind ik dit een heel groot pluspunt. Lang leve de topdown-trui, want dan heb je zelfs de naden van de mouwen en schouders niet.

Kleurverloop

Om de 12 rijen schakel ik over op een andere kleur. Ik heb 5 tinten, maar ik werk met dubbele draad, dus kan ik volgende combinaties maken: AA, AB, BB, BC, CC, CD, DD, DE, EE. Dus eigenlijk 9 kleuren.

Je kan het nu nog niet zo goed zien, maar ik ben nu al bezig aan mijn tweede kleur (AB). De boord was 10 rijen, daarna een meerderingsrij en dan had ik nog een rij over. Dus heb ik die nog in kleur AA gebreid en dan voor de tekening begonnen met kleur AB. Waarom zou ik het moeilijker maken dan nodig is?

Ajourmotief

En ondertussen heb ik al 6 rijen van het motief gebreid. Omdat ik rondbrei zijn de rustrijen ook rechts. En dit zorgt voor een heel mooi effen resultaat. Want soms kan je hebben dat er een heel klein verschil zit tussen de draadspanning van rechts en averechts.

Het motief telt 18 steken. Om visueel te kunnen werken en als hulpmiddel heb ik steekmarkeerders gebruikt. Zo zie je waar elk stukje begint en stopt. Je kan ze zo in de winkel kopen, maar ook zelf maken met een restje wol. Je maakt gewoon een knoopje, zodat er een lusje ontstaat. Dit maakt echt een wereld van verschil. Ik heb het zonder geprobeerd, maar het is gewoon zoveel moeilijker. En opnieuw: waarom zou ik het moeilijker maken dan nodig is?

Nu ik gestart ben, zit er eigenlijk niets anders op om gewoon verder te doen. Wat vinden jullie er van tot nu toe?

2021-02-19T11:41:00

  dagen

  uren  minuten  seconden

tot

Mijn afgewerkte droomtrui

Bronnen:

Een gedachte over “Van start

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.