Back to basics

Getwijnd en al

Vorige week was ik klaar met spinnen. Deze week ben ik klaar met twijnen. En met een beetje trots kan ik je dit resultaat tonen: 6 vlechten van mijn eigen hand gesponnen wol. Wauw. Nu weet ik weer, waarom ik deze back to basics uitdaging aanging.

Twijnen

Als je een enkele draad klaar hebt, wordt die meestal nog getwijnd om steviger garen te bekomen. Bij handgesponnen wol vind je heel vaak 2-draads of 3-draads garen. Maar je kan eigenlijk zo ver gaan of je zelf wilt. Je kan ook die enkele draad houden en dat lichtjes vervilten voor stevigheid. En er zijn zelfs nog een heleboel type andere garen die je kan maken (maar dan zou ik alweer te veel uitweiden…).

De bedoeling van deze Tour de Fleece was om een 2-draads garen te maken. Dus heb ik de bobijnen stuk voor stuk getwijnd. Dat wil zeggen: van 2 draden 1 maken door ze in de omgekeerde richting te spinnen. Door de twist van de enkele draden omarmen ze elkaar dan mooi en zo wol krijgt zoals we die vanuit de winkel kennen.

Extra zorg

Maar na het twijnen ben je er ook nog niet helemaal. Door het spinnen van de enkele draad en het twijnen naar een dubbele draad zit er nu enorm veel twist en spanning in de vlecht, waardoor die alle kanten op krult.

Door ze in warm water (al dan niet met een beetje wolwasmiddel) te laten rusten en daarna licht te stretchen, krijgt de wol een deel van zijn oorspronkelijke eigenschappen terug. Zo krijg je een meer handelbaar garen. Er zijn opnieuw een paar extra stappen die je kan doen (zoals vilten en er mee op tafel slaan – ja echt), maar ik ben tevreden met het resultaat dat ik zo krijg. Daarna laat je het hangend of liggend (mijn voorkeur) drogen.

Wat gegevens

Blijkbaar heb ik toch wat meer wol gesponnen dan ik dacht. Want als ik het zo allemaal bij elkaar samentel kom ik zeker aan meer dan de 422g die ik noteerde gekamd te hebben. Maar zoveel te beter, want je hebt natuurlijk liever wat meer wol dan dat je er tekort zou hebben.

Het is me niet gelukt om elke vlecht even zwaar te maken, maar dat had ik ook niet verwacht. Ik heb telkens getwijnd tot de bobijn vol was. Of tot ik dacht dat ze vol was, want de een is dus al zwaarder dan de andere geworden:

  • vlecht 1 (vrnl): 73g
  • vlecht 2: 89g
  • vlecht 3: 85g
  • vlecht 4: 81g
  • vlecht 5: 84g
  • vlecht 6: 51g

Bij het aantal meter natellen van de eerste vlecht, merkte ik op dat ik niet aan de lengte kwam van mijn testwol. Ik had 171m op 73g (of 234m op 100g) ipv 270m op 100g. Wat ik toch jammer vond. Maar wat misschien wel normaal is, want dit is geen lopende bandwerk. En ook al heb ik zoveel mogelijk geprobeerd om dezelfde dikte aan te houden. Hier en daar zit er wat variatie in.

Zoals je kan zien, zijn er donkerdere plekken en lichtere plekken waar ik de draden heb gecombineerd. De volgorde van mijn bobijnen, zat wel goed in elkaar. Maar de eerste bol met enkele draad die wat lichter is en de tweede bol met enkele draad die ik donkerder maakte om dat te compenseren, kwamen niet in de juiste volgorde na elkaar. Waardoor het donkere stukken van de bollen samenvielen en de lichtere stukken overbleven.

Waar licht en donker elkaar wel overlappen, krijg je een gemarmerd effect. Zeker in een 2-draads garen is dat heel goed te zien, want de kleuren wisselen elkaar direct af. Dit was eigenlijk niet de bedoeling. Maar ik kon het niet anders oplossen door tijdsnood. Mijn tip aan mezelf voor volgend jaar, is zeker op tijd beginnen verven. En al was het de bedoeling niet, het geeft wel extra karakter en nuance aan de wol.

Opnieuw verven of niet?

Als ik de wol zo van ver bekijk, vind ik de kleur oké. Je ziet heel duidelijk dat het niet meer wit is, maar bruin. En eigenlijk geen lichtbruin, waar ik wel wat schrik voor had na al die lichtere verfbaden. Maar van dichterbij weet ik het zo goed niet. Ik denk dat ik het gemarmerde effect niet zo mooi vind.

Dus wil ik misschien wel een plan B maken. En dat wil zeggen dat ik weer zou verven. Maar welk kleur dan? De kleuren die ik tot nu toe verfde, vind ik minder geschikt. En een tijdje geleden zei ik vlierbes, want de paarse kleur is schitterend. Maar bessen zijn blijkbaar kleuren die heel snel vervagen en ik wil toch graag wat langer van het eindresultaat kunnen genieten.

Sinds het voorjaar heb ik niet stil gezeten en heb ik stilletjes aan geïnvesteerd in mijn eigen plantenverftuintje vooraan aan mijn huis. Ik heb een heleboel lavendel in lange bakken op mijn vensterbank gezet, samen met grote potten hibiscus en eucalyptus naast de deur op de grond, ik heb plantendelen langs de kant van de weg gevonden en ook een deel gekregen van anderen. Ik zou dus gerust een nieuwe verftest kunnen doen.

Over het garen ben ik heel tevreden, over de kleur iets minder. Hmmm, wat is jouw mening?

Back to basics

Halverwege Tour de Fleece

Met trots kan ik zeggen dat al mijn wol geverfd is, met wat minder trots dat ik het eigenlijk al af wou voor de Tour de Fleece zou starten. Nu zijn we halverwege en ben ik eindelijk waar ik wou zijn. Het was niet evident en er liep heel veel anders of gedacht.

Tijdsnood

Ik heb het verven enorm onderschat. In mijn planning had ik op twee weken gerekend. Eén week om alle wol te kammen en daarna een week om alles te verven. Uiteindelijk zijn het drie weken geworden van elke dag kammen en 2 fases verven. Het waren een paar zware weken. En wat ben ik nu blij dat het gedaan is.

Omdat ik eind juni al serieus aan het panikeren was, heb ik een paar bakken gezocht voor in de oven. Zodat ik een reeks daarin kon doen naast de andere reeks in mijn kookpot. Door twee reeksen tegelijkertijd te doen, wou ik een inhaalbeweging maken.

Zo zag mijn dagprogramma er uit:

  • oven 1e keer: wassen en verfbad klaarmaken
  • oven 2e keer: beitsen en verven
  • pot: wassen, beitsen, verfbad klaarmaken of verven

Voor drie weken lang (met gelukkig toch af en toe een rustdag)

De fases wisselden af. Dag 1 waste ik bad A. Dag 2 waste ik bad B en beitste ik bad A. Dag 3 waste ik bad C, beitste ik bad B en verfde ik bad A. Enzoverder. Dit was allemaal in de oven. Daarnaast had ik nog mijn kookpot met een ander ritme. Dag 1 waste ik bad D. Dag 2 beitste ik bad D en dag 3 verfde ik bad D. Omdat ik telkens maar kleine hoopjes (ongeveer 35g) per keer kon doen, had ik dus heel veel hoopjes en dagen nodig. Veel meer dus dan de geplande week.

De drukte van die dagen heb ik toch wat onderschat. Ik ben nog steeds aan het recupereren van een jaar slaaptekort. Het kroop af ten toe toch in de kleren. Zo had ik op een dag wol in het beitsbad gedaan, zonder beitsmiddel. Ik vond de afgewogen aluin de volgende dag nog in het potje op het werkblad van mijn keuken. Oeps. Dat is helaas niet meer goed gekomen.

Kleurverschillen

Ik zag online een filmpje over wol verven in de oven met acid dyes. En ik dacht dat het ook mogelijk zou zijn met natuurlijke verfstoffen. Het was pas na het wassen, beitsen en verven (3 dagen later), dat ik door had dat het toch niet zo’n goed idee was.

Ik dacht: dezelfde temperatuur en dezelfde periode, dat komt wel goed. Niet dus, op de een of andere manier waren de kleuren veel lichter. En ik weet (nog) niet waarom. De kleur van de wol die uit mijn pot komt is wel oké. Maar nu zit ik dus met heel veel licht gekleurde wol en een beetje donker gekleurde wol.

Hoe ga ik dat nu combineren? Want omdat ik niet alle wol op 1 juli voor handen had, moest ik ook wat creatief zijn om de kleuren te combineren. Hoe zou ik dat gaan aanpakken? Uiteindelijk is het een hele berekening geworden die waarschijnlijk toch niet zal kloppen. Dus ben ik van plan om te doen wat ik kan en de rest aan het lot over te laten.

Combineren en verspreiden leek me de beste oplossing. Als ik 4 bobijnen vol heb, waarvan 1 en 3 met lichtere kleuren en 2 en 4 met donkere kleuren, zou ik 1 en 4 en 2 en 3 kunnen combineren voor het twijnen. Dan komen beide draden zo gelijk mogelijk uit, dacht ik zo.

Maar het zullen waarschijnlijk 6 bobijnen worden. Want vandaag zitten we in de helft en ik heb pas bijna mijn 3e bobijn vol. Dus wordt het dan waarschijnlijk een combinatie van bobijnen 1 en 4, 3 en 6 en 5 en 2. Maar zal er genoeg kleurspreiding op de bobijnen zitten? Ik vrees er voor want elk verfbad is net dat beetje anders (wat volledig normaal is).

Volgende keer beter

Als ik het nog eens zo groot zou aanpakken, zou ik het anders doen. Zeker genoeg tijd nemen om alles te kunnen verven zoals het hoort. Zodat ik mezelf niet voorbij loop, maar er van kan genieten (zoals de bedoeling was). En zeker in mijn kookpot. Ik denk niet dat ik de oven nog zal gebruiken. Die heb ik ten slotte ook nog nodig om eten klaar te maken en het is best om dat niet te combineren.

Op dit moment ben ik nog niet tevreden van de kleur. Misschien betert dat na het twijnen. Als het eindresultaat me niet aanstaat, zal ik het oververven in een lichtere kleur. Dan heb ik lichtere en donkere stukken, maar ten miste één kleur (misschien vlierbes) in plaats van twee. Volgende keer spin ik misschien eerst al mijn wol en verf ik het daarna. Als alles getwijnd is, kan ik de check eens doen of ik zo meer wol in mijn pot kan krijgen.

Als allerlaatste oplossing kan ik nog altijd bolletjes afwisselen tijdens het breien. Dat zal heel veel maskeren. Je hebt waarschijnlijk wel al gehoord van breien met twee bollen en om de twee rijen wisselen. Maar ik zou het zelfs met de drie bollen durven. Dan is elke rij van een andere bol en valt het nog minder op.

Nu kan ik me verder gaan concentreren op het spinnen. Ik zit nog altijd op schema. Woop, woop! Al een geluk. Ik wil echt niet opgeven. Ik kan dit! Met wat ben jij bezig op dit moment?

Bronnen

Nieuwe werken

Raglantrui

Eindelijk is het zover. Mijn raglantrui is af. Joepi. Na veel zweet en tranen is het me toch gelukt. En wat ben ik trots. Alleen al dat het me gelukt is om hem af te krijgen.

Tja, het mag wel gezegd zijn dat dit project niet echt van een leien dakje gelopen is. Ik heb een paar keer moeten uittrekken en opnieuw beginnen om verschillende redenen. En mijn planning is volledig in het honderd gelopen. Maar ik heb er ook van bijgeleerd. En mocht je het nog niet door hebben, ik ben echt blij met het resultaat.

Over uittrekken en opnieuw beginnen

Misschien ben ik toch iets te enthousiast begonnen. Ik had het proeflapje klaar en ik ben dan maar direct begonnen. Ik had het voor en achterpand al af toen ik besefte dat ik niet genoeg wol overhad om de twee mouwen te breien. Ik had er nooit bij stil gestaan om uit te rekenen hoeveel wol ik voor welk deel precies nodig zou hebben.

Met wat tegenzin, maar toen nog met goeie moed, ben ik herbegonnen. Ik heb meer van het bruine kleur gebruikt om groen en geel te compenseren. So far, so good. Maar ik kwam er nog steeds niet. Uiteindelijk zat er niet anders op om de gewone mouwen aan te passen naar driekwart mouwen. Ook mooi, maar wel een compromis.

Ik was klaar om te beginnen aan de minderingen van de mouwen. Ik had ergens in mijn hoofd dat ik dezelfde minderingen nodig had als de minderingen op voor- en achterpand. Ik was bijna boven toen ik besefte dat ik niet zou uitkomen. Dus opnieuw uittrekken en herbeginnen.

Ik had niet opgemerkt dat om aan het juiste aantal steken bovenaan goed uit te komen, ik beter opnieuw de minderingen zou tellen. Na die berekening vielen de puzzelstukjes in elkaar en kon ik weer opnieuw beginnen.

Uiteindelijk had ik dan alle stukken klaar. Maar ik zag er zo tegenop om de trui in elkaar te steken. Door het uittrekken en opnieuw breien, had ik heel veel werk om alle uiteinden in te naaien. En ja, geef toe. Wie doet dat wel graag?

Maar toch. Ik heb er werk van gemaakt. Want wat is het alternatief. Een onafgewerkte trui. En dat vond ik zonde, want dan zou al dat uittrekken en opnieuw beginnen helemaal voor niets geweest zijn.

Toen alles aan elkaar genaaid was en alle draadjes ingewerkt waren, kon ik de boord breien. Gelukkig had ik opgezocht hoeveel steken ik nodig had om goed uit te komen en heb ik dat stuk niet opnieuw hoeven doen. Maar, zoals je kon lezen vorige week, heb ik het afkanten anders aangepakt met elastisch afkanten.

Over gewijzigde plannen

Soms kan het helemaal anders uitdraaien dan je voordien dacht. Ik had gedacht om er in 12 weken te geraken. Elke week een aantal rijen en klaar. Maar door al dat uittrekken en opnieuw beginnen, zag ik het gewoon even niet zitten en heb ik er niet aan verder gewerkt. Die 12 weken werden uiteindelijk 9 maanden. Maar dat is op zich niet zo erg. Want ondertussen heb ik andere projecten gemaakt en is de trui nu wel afgeraakt.

Toen ik voor de eerste keer herbegon, heb ik de keuze gemaakt om de averechtse rij tussen de strepen weg te laten. Toen ik het concept in mijn hoofd had, was ik er gewoon niet zeker van. Wat zou het mooist zijn? Ik heb gegokt en besloten om ze gewoon rechts te breien. Nu vind ik dat het ook mooi zou geweest zijn als ik het wel zou gedaan hebben.

Zoals ik al zei, zijn de mouwen ook iets anders geworden door het wol tekort. Ik had voorzien dat het een wintertrui zou worden met lange mouwen. Maar dat is dus anders uitgedraaid. Uiteindelijk zijn het driekwart mouwen geworden.

Over bijleren

Ik had het al gezien toen ik bezig was met een paar gestreepte sokken. Aan het begin van elke rij, verspringt het kleur. Als je er over nadenkt, is het eigenlijk wel logisch. Want aan het einde van je rij zit je hoger. Na wat onderzoek, ontdekte ik een paar tips hiervoor. Nu is de overgang tussen de strepen bijna onzichtbaar.

Dit was de eerste keer dat ik een raglantrui breide. Het heeft me inzicht gegeven in hoe zo’n trui in elkaar zit en wat het zo specifiek maakt. En door het te maken, heb ik het ook onder de knie. Al zal het misschien nog even duren voor ik een tweede maak.

De tips die ik vond om het aantal steken op de nemen voor de hals en het elastisch afkanten waren geniaal. Nadat ik ze gevonden had, leken ze me ook logisch. En ik draag ze zeker mee voor volgende projecten.

Over gevestigde waarden

Het maken van deze trui heeft ook een paar dingen bevestigd die ik al wist. Al was ik ze hier gewoon even uit het oog verloren.

Brei altijd je mouwen tegelijkertijd. Ik zou deze aan iedereen willen aanraden. Enkel zo krijg je ze helemaal gelijk. Want ook al maak je notities, soms komt het gewoon niet uit. Hier heb ik het niet gedaan, en ik heb bovenaan de ene mouw een ander aantal steken dan de andere mouw.

En voorbereiding is alles. Proeflapjes zijn zo belangrijk. Maar de info die je er kan uithalen is nog zoveel belangrijker. Als je met verschillende kleuren werkt, wil je ook per kleur rekenen. Hoeveel kleur heb je en wil je gebruiken?

Je mag fouten maken. Daar leer je van. En een beetje wabi-sabi kan helemaal geen kwaad. Je maakt een uniek stuk, want. Het is handgemaakt en van jou. Het hoeft niet altijd perfect te zijn, want het vertelt een verhaal. En als je het aan niemand zegt, hoeven ze het niet te weten (shhhh).

Over voldoening

Wat ben ik blij dat mijn trui past. Omdat ik een zelfgemaakt patroon volgde, blijft het natuurlijk altijd een risico. Maar uiteindelijk is het gelukt en dat is het belangrijkste. Het geeft zoveel voldoening en vertrouwen.

En ik ben ook heel tevreden met de kleurencombinatie. De wol die ik gebruikte komt van Sweet Georgia in Canada, gekocht tijdens de tweede lockdown. De kleurencombinatie heet Tofino Roadtrip en is oorspronkelijk in sokkenwol te krijgen. Maar ik heb de kleuren in een dikkere versie besteld.

Nu kan ik er dubbel van gaan genieten. Het maken is gedaan. Nu kan ik hem aan doen. Ik kijk er zo naar uit. Maar, zou het toch niet te fris zijn met die driekwart mouwen?

Bronnen