Basis

In de ban van spinnen

De laatste tijd ben ik nogal in de ban van het spinnen. Dat wil zeggen als ik tijd vind tussen de drukke momenten door. Sorry dat het wat stiller was de afgelopen periode. Op dit moment ben ik heel hard bezig met de juiste balans tussen drukte en rust te vinden. En spinnen helpt, want door de bewegingen ga ik vertragen. Dat wil wel zeggen dat mijn breiwerk wat aan de kant ligt.

Beslissen

Ik ben bezig geweest met mijn sokkenwol. Dat is een mengeling van Blauwe texelaar, Swifter en lokale wol die ik bij Annick geverfd heb met natuurlijke verfmiddelen. Er is gele (wouw), rode (meekrap) en paarse (blauwhout) wol. Voor elk kleur heb ik beslist om de drie wolsoorten samen te kammen om een homogener resultaat te hebben.

Daarna ben ik een onderzoek begonnen met hoe ik wil spinnen en twijnen om een goeie sokkenwol te bekomen. Via een les van School of Sweet Georgia, Spin to knit socks, kreeg ik een mooi overzicht van de mogelijkheden. Ik wil dat mijn sokkenwol sterk is en dat er niet onmiddellijk gaatjes vormen. Maar ik wil ook dat ze zacht en warm is.

Aan de hand van die eigenschappen maak je een compromis: worsted spinnen is sterker dan woolen spinnen. Maar woolen spinnen geeft zachtere en warmere wol. Omdat geen gaatjes toch voor mij het belangrijkste is, koos ik voor worsted spinnen. Maar wat ken ik er van? Ik heb echt nog niet genoeg ervaring om dit al zo te kunnen beslissen. Laat ik maar gaan voor trial and error. Als het niet het gewenste resultaat geeft, heb ik er tenminste uit geleerd.

Dus was worsted spinnen de beste oplossing. En om het extra stevig te maken, wou ik kiezen voor een driedubbele draad. Crepe garen leek me het stevigst en meest haalbaar. Dat las ik ook in het boek The Spinner’s Book of Yarn Designs van Sarah Anderson. Bij dit type garen twijn je eerst twee enkele draden, daarna spin je nog een derde draad in dezelfde richting van het twijnen. Die twee twijn je dan nog eens in de omgekeerde richting. Voila, een supersterke sokkenwol met drie draden.

Een vleugje angst

Ik had wel een beetje schrik voor het worsted spinnen. Zou dit een mooi resultaat geven bij het breien? Toen ik mijn eerste breitest voor de back to basic Seeds and Stems Cowl deed, dacht ik ook dat het mooi zou breien, maar uiteindelijk was het veel te touwachtig.

Ik ben zelfs bang om mijn sokkenwol uit te proberen. Het is zo mooi om naar te kijken. Wil ik het echt al in een balletje draaien en teleurgesteld worden? Maar ja, het zal er toch wel eens van moeten komen, anders kom ik nooit aan het effectief breien van dat paar sokken. En wat voor zin had het dan allemaal. Ja, toch? Binnenkort vind ik de moed er wel voor.

Binnenkort, want ik wil graag eerst alle drie de kleuren af hebben voor ik mijn proeflapje maak. Want ik heb zo zitten denken. Ik zal van elk kleur niet genoeg hebben om de sokken te breien die ik wil (Curio Socks van Andrea Mowry). Ik zal dus nog een 4e neutrale kleur nodig hebben als hoofdkleur. Of misschien zelfs een 5e. Want ik dacht zo ongeverfde wol voor de rode en paarse kleur en bruine wol voor de gele kleur. Maar dan heb ik nog wat Swifter nodig. Blauwe texelaar heb ik nog liggen.

Maar eerst nog

Ik ben nu nog maar bezig met het kammen van de paarse wol. Dan pas kan ik ze spinnen en twijnen. En dan kan ik gaan zoeken naar extra wol voor mijn neutrale kleuren. Tussendoor ben ik daarom even aan de slag gegaan met de vezels die ik kocht van Annick op de hobbybeurs in Middelkerke.

Deze drie vlechten wil ik combospinnen. Dus wordt het automatisch een driedubbele draad. Elke vlecht wordt een enkele draad. Het is niet de bedoeling om ze te twijnen als sokkenwol. Dus zou ik ze gewoon traditioneel allemaal in dezelfde richting willen spinnen en twijnen. En omdat de vezellengte nogal kort is, heb ik ze eerst op mijn kaarders behandeld om rolags te bekomen. Daarna wil ik ze woolen spinnen, hopelijk long draw. Voor deze wol heb ik een trui of shawl in gedachten.

Zoals je ziet, heb ik al veel gedaan, maar heb ik ook nog wat werk voor de boeg. Elke dag een beetje en ik kom er wel. Met wat ben jij op dit moment bezig?

Bronnen

Basis·Geen categorie

Stress, pijn en rust

Aaaah, hier ben ik weer. Eindelijk weer even tijd gevonden om stil te staan bij de afgelopen weken. Tussen de drukke dagen was ik vorige week even vergeten dat het alweer weekend was. Ik was elke dag bezig met breien voor de MKAL Autumn Dahlias. Daarnaast ook met mijn eerste (tweedehands) elektrische fiets, verjaardag van mama en mijn tante, verjaardag van mijn verhuis drie jaar geleden, workshops, spinnen, … Zoals ik vorige week (of twee weken geleden ondertussen) al zei: te veel om te doen.

Fysieke klachten

En door die drukte, merk ik ook wel dat ik weer wat meer pijn heb in mijn gewrichten, nek en schouders. Dat ligt deels aan mijn fibromyalgie. Want als ik meer stress heb, wordt ik minder mobiel. Maar dit is nu echt op specifieke plaatsen zoals mijn linkerpols, het bovenste punt van nek en mijn beide schouders.

De symptomen zijn begonnen nu ik weer meer aan het breien ben. Dus denk ik dat het veilig is om te denken aan overbelasting. Elke dag 15 rijen van meer dan 100 steken breien is een pak hoger dan ik normaal gewend ben. Maar ik wil niet opgeven. Ik zit nog altijd op schema en ik hoop dat ik het nog een week kan volhouden. Dan is de shawl af. Maar ik hou mezelf voor de gek. Daarna ga ik toch gewoon door met het volgende project.

Maar hoe kan ik mezelf ondertussen toch nog voldoende rust geven? Want een van mijn goeie voornemens was toch om meer te gaan genieten van het proces? En om te genieten wil je toch de tijd nemen hé. En het liefst pijnvrij zijn.

Mijn dokter zegt dat ijs helpt. Het is waar. En spieren die niet voldoende getraind zijn, willen meer training (heb ik van horen zeggen). Specifiek voor mijn linkerpols is dit. Maar wat met de rest? Ik wil zo lang mogelijk mijn hobby kunnen uitoefenen. Ik kan me niet voorstellen dat ik niet meer zou kunnen breien, omdat mijn handen niet meer mee kunnen. Dus zorg dragen voor mijn lichaam is belangrijk. Ik weet het. Daarom ben ik even op zoek gegaan naar wat oplossingen.

Gewrichtspijn

Als je breit, maak je heel veel dezelfde beweging op lange tijd. Of je nu Engels, continentaal of Portugees breit, dat maakt allemaal geen verschil. Je mag grote of kleine bewegingen maken, het zijn steeds dezelfde die telkens herhaald worden. En soms zit er eens een moeilijke steek tussen waardoor je de draad en naalden iets krampachtiger vast neemt. Ik denk dat dat toch niet te onderschatten valt.

Tijdens mijn zoektocht online kwam ik de oefeningen van Kaitlin Bruder tegen. Ze is een illustrator die na het tekenen ook soms last heeft van haar handen en daarvoor simpele oefeningen toepast. Na een periode van intensief breien, probeer ik deze oefeningen nu uit. En na een dikke week kan ik toch wel zeggen dat ze me helpen. Dit is dus een blijver.

Schouderpijn

Maar dan is er nog de pijn in mijn rechterschouder. Het duurde een tijdje voor ik daarvan de oorzaak door had. Als ik brei zit ik meestal in mijn zetel met armleuningen van Ikea (die zalig zit trouwens). Hierbij is mijn linkerarm ondersteund, maar mijn rechter niet. De andere armsteun is net iets te ver om makkelijk te breien. Dus is mijn ruggengraat lichtjes schuin en moet ik meer moeite doen om mijn rechterschouder omhoog te houden. En daardoor geef ik iets meer kracht op mijn linkerschouder.

Hiervoor heb ik een bijkomende ondersteuning gezocht. Eentje die ik net naast me kan leggen, zodat mijn rechterarm toch ondersteund wordt. Denk aan een kussen, maar voorlopig is het nog even mijn droomdeken 2.1. Mijn kussens zitten nog in een verhuisdoos. Als ik eventjes tijd vind, haal ik ze er wel eens uit.

Nekpijn

De pijn in mijn nek is helemaal bovenaan. Net waar die overgaat naar de schedel. Toen mijn kinesiste vroeg of ik veel naar beneden keek, viel mijn frank. Breien is constant naar beneden kijken. Kijken naar je werk, kijken naar je patroon. Veel breien is dus gelijk aan veel hoge nekpijn voor mij.

De oplossing voor deze pijn ben ik nog een beetje aan het ontdekken. Het lijkt me evident dat als ik minder pijn wil hebben, minder naar beneden kijken noodzakelijk is. Met andere woorden naar iets anders kijken dan naar je werk. Een serie op Netflix bijvoorbeeld (op dit moment Locke&Key, een aanrader trouwens). Daarom ben ik blindbreien aan het oefenen. Ik ben er nog niet helemaal, want het is niet zo eenvoudig als het lijkt. Maar ik merk toch dat het al iets beter aanvoelt. En ik brei een beetje losser, wat ook weer beter is voor mijn vingers.

Als ik dit kan blijven volhouden, hoop ik toch nog vele jaren te kunnen genieten van mijn hobby’s. En binnenkort is de shawl af en kan ik daar ook nog eens van genieten. Wat zijn jouw tips voor pijn bij het breien?

Bronnen

Back to basics

Finish

De Tour de Fleece voor dit jaar is afgerond. Ik ben aangekomen en heb netjes mijn schema kunnen volgen. Woop, woop! Maar ik ben toch ook wel blij dat het gedaan is. Het was zalig om iedere dag even zen te worden door het ritme van het spinnen. Maar de voorkant van mijn enkels zijn blij met een beetje rust.

Planning en afwijkingen

Oké, technisch gezien ben ik iets vroeger aangekomen dan mijn planning aangaf. Ik zou de volledige tour voor mannen spinnen, maar ook die van de vrouwen er bij nemen. Zo kon ik de hoeveelheid over minder dagen spreiden, waardoor ik minder op een dag hoefde te doen. Het leek me haalbaarder. Maar elke dag was ik toch nog ongeveer een uur bezig met spinnen.

Op de eerste dag bij de start van de tour, was er een kunstevenement in Bergues net over de grens met Frankrijk. Daar kon ik niet anders dan meer spinnen dan mijn planning aangaf, waardoor ik een mooie voorsprong kon nemen. Weet je nog? Die eerste dag was een tijdrit waarop ik (door het verrekenen van het aantal kilometer) 2 gram mocht spinnen. Tuurlijk deed ik meer.

En uiteindelijk heb ik ook wat minder wol gekamd en geverfd. Want ik was dat zo moe. Je zou verbaasd zijn hoeveel dat van je vraagt. Dat is urenlang trekken en duwen, je hele lijf staat onder spanning. Elke dag 4 nestjes maken, soms 8. Pff, ik had wat last van mijn schouders en spieren. Omdat ik meer dan de minimale hoeveelheid had, vond ik het best oké om niet meer voor te bereiden.

Bobijnen en cijfers

Dit is het verdict. Ik heb 6 bobijnen af, waarvan 2 met mindere hoeveelheid:

  • bobijn 1: 90g
  • bobijn 2: 97g
  • bobijn 3: 98g
  • bobijn 4: 89g
  • bobijn 5: 48g
  • bobijn 6: 47g

In totaal is dat 469g, wat me raar lijkt… Want ik kamde en verfde maar 422g. Hmm, misschien heb ik de lege bobijnen verkeerd afgewogen. Ik schreef namelijk op elke bobijn hoeveel die woog, zodat ik dat dan kon aftrekken van het volledige gewicht. Het kan dat de weegschaal verkeerd woog of dat ik fout opschreef (waarschijnlijk dat laatste, lol). Ik doe het wel nog eens opnieuw als alle bobijnen weer leeg zijn.

De verschillende kleuren bruin werden zo veel mogelijk door elkaar gemixt om een egaler resultaat te hebben, maar ik weet niet of ik er tevreden mee zal zijn. Voor alle zekerheid pas ik nog een extra verdeling toe. Ik ga bobijnen 5 en 2 combineren, daarna 1 en 4 en 3 en 6. Omdat bobijn 5 een halve is, wordt er ook een overlapping gemaakt tussen 2 en 1 en 3 en 4.

En als ik niet weg ben van het resultaat, verf ik het gewoon opnieuw in een andere kleur. Alles komt goed.

Singles en kwaliteit

Over het algemeen ben ik wel blij met de dikte van mijn singles. Ze zijn woolen gesponnen vanuit gewassen, gekamde wol. En ze zijn vrij gelijk van dikte. Al zit er een kleine variatie op (tja, ik spin ook nog maar 6 weken op het spinnewiel dat ik gebruik).

Ondertussen heb ik wel geleerd dat mijn vezelvoorbereiding nog beter kan. Wat is kemp? En hoe kan ik die verwijderen om zachtere wol te maken? De wol wassen voor het spinnen zou ook helpen en misschien wil ik nog andere voorbereidingstechnieken toepassen.

Ervaring zit er ook voor iets tussen. Oefenen, oefenen en nog eens oefenen is de boodschap. Door elke dag een klein beetje te spinnen, zijn de overgangen tussen de verschillende nestjes wol vlotter geworden. Ze vallen minder op. Ik kan ook langere stukken in één keer door spinnen, waardoor ik minder tijd verlies.

Al helpt goed materiaal natuurlijk ook. Af en toe heeft het spinnewiel olie nodig om vlot te blijven draaien. Het is een wereld van verschil, geloof me maar.

De volgende stap: twijnen. Ook dat zal elke dag een beetje zijn. Te zien hoe ver ik geraak en hoeveel ik op een bobijn krijg. Ik heb er nog één over en ik kreeg de tip om de wol eerst een paar dagen te laten rusten voor er een vlecht van te maken (dank je wel, Claire). Maar eerst even vieren dat ik de eindmeet haalde. Had je gedacht dat ik het zou halen?

Bronnen

Steek van de maand

Seersucker stitch

Op dit moment ben ik bezig aan het breien aan twee truien (mijn maximum), maar ik heb op dit ogenblik niet zoveel zin om verder te doen. Ik wil even mijn volle aandacht aan het Sjettekastje geven.

Maar ik ben ook al even aan het nadenken over wat ik wil maken met de recent aangekochte wol. De bedoeling is om zeker nog een paar truien te maken. Maar ik wil graag even iets anders dan de klassieke tricotsteek. Deze vond ik online bij Studio Knits en het lijkt me een heel haalbare variatie.

Seersucker stitch

Oké, het klinkt misschien een beetje raar. Maar het woord “seersucker” komt oorspronkelijk uit het Persisch, via het Hindi. En het betekend letterlijk “melk en suiker”. Maar omdat ik de pagina in het Engels vond, heb ik niet onmiddellijk een vrije Nederlandse vertaling.

Maar dat doet er niet echt toe. De ideale combinatie is met eenvoudige stekenpatroon een mooi resultaat te krijgen. Want het resultaat is het belangrijkst natuurlijk. En als het dan nog makkelijk is ook, is dat alleen maar mooi meegenomen.

Niveau

Dit is dus een ideale steek als je nog maar net begonnen bent met breien, maar wanneer je toch al graag even wil experimenteren. Maar laat je dat vooral niet tegenhouden, gevorderde brei(st)er.

Voor deze steek heb je enkel kennis nodig van rechtse en averechtse steek. De volgorde van de steken en de 8 herhalingsrijen die je breit, zorgen voor het diamantpatroon.

Je kan het patroon maken met elke wol en naalddikte die je maar wil. Maar het is niet omkeerbaar. De voorkant ziet er helemaal anders uit dan de achterkant. Daarom is er een verschil bij heen en weer breien en rondbreien.

Patroon

R = rechtse steek
AV = averechtse steek

Met rechte naalden

  • Zet een meervoud van 4 + 1 steken op.
  • Rij 1: *2R, 1AV, 1R*. Herhaal tot het einde van de rij. 1R
  • Rij 2: 1AV, *1AV, 1R, 2AV*. Herhaal tot het einde van de rij.
  • Rij 3: *1R, 1AV*. Herhaal tot het einde van de rij. 1R
  • Rij 4: 1AV, *1R, 1AV*. Herhaal tot het einde van de rij.
  • Rij 5: *1AV, 3R*. Herhaal tot het einde van de rij. 1AV
  • Rij 6: 1R, *3AV, 1R*. Herhaal tot het einde van de rij.
  • Rij 7: *1R, 1AV*. Herhaal tot het einde van de rij. 1R
  • Rij 8: 1AV, *1R, 1AV*. Herhaal tot het einde van de rij.
  • Herhaal rijen 1 tem 8 tot de gewenste lengte. Brei daarna nog rij 1 en 2.

Met rondbreinaalden

  • Zet een meervoud van 4 + 1 steken op.
  • Rij 1: *2R, 1AV, 1R*. Herhaal tot het einde van de rij. 1R
  • Rij 2: *2R, 1AV, 1R*. Herhaal tot het einde van de rij. 1R
  • Rij 3: *1R, 1AV*. Herhaal tot het einde van de rij. 1R
  • Rij 4: *1R, 1AV*. Herhaal tot het einde van de rij. 1R
  • Rij 5: *1AV, 3R*. Herhaal tot het einde van de rij. 1AV
  • Rij 6: *1AV, 3R*. Herhaal tot het einde van de rij. 1AV
  • Rij 7: *1R, 1AV*. Herhaal tot het einde van de rij. 1R
  • Rij 8: *1R, 1AV*. Herhaal tot het einde van de rij. 1R
  • Herhaal rijen 1 tem 8 tot de gewenste lengte. Brei daarna nog rij 1 en 2.

Schema

Toepassen

Deze steek zou ik graag toepassen bij een van de bollen wol waar kleurverloop op zit. Bij deze bollen, is het meestal interessant om niet teveel structuur te gebruiken, omdat het eindresultaat dan minder zichtbaar kan zijn. Maar deze valt al bij al nog mee qua structuur. Dus het lijkt me zeker het proberen waard.

Om het echt zeker te weten, bestaan er natuurlijk proeflapjes. Zo kan ik pas echt zien hoe de steek en de kleur zal combineren. En of de steekverhouding dan zal uitkomen tov de kledingmaat die ik nodig heb.

Maar eerst zit er niets anders op dan die 2 truien af te werken, nadat mijn kastje klaar is. En dan die trui te breien voor een vriendin. Dan begin ik er zeker aan. Soms zou ik heel graag willen, dat breien wat sneller ging. Al is het trage proces natuurlijk net wat zo’n enorme rust en stressverlaging geeft. Met wat ben jij op dit moment bezig?

Bronnen

Basis

Gram vs. meters

Als je breit, ken je het zeker en vast wel. Je wil een bol wol kopen en je kijkt hoeveel gram je nodig hebt. Maar daarnaast staat er ook het aantal meter. Dus wanneer kijk je nu best naar het aantal gram en wanneer naar het aantal meter? Wat is eigenlijk het verschil?

Gram

Op de bolletjes die ik voor Nieuwjaar nog bij Suzywol kocht staat op de ene bol 100g en 250m en op de andere bol 100g en 290m. De ene wol is wat fijner dan de andere, dus kan er meer wol in 100g. Dat is evident.

Maar ook bij dezelfde naalddikte kan er nog altijd een verschil in meters zijn. Het type wol heeft er ook mee te maken. Mohair is lichter dan schapenwol. Dus voor diezelfde 100g heb je meer meters bij mohair.

Als je naar een patroon kijkt, staat er steeds het type wol en de hoeveelheid dat nodig is. Daar staat het bijna altijd in gram vermeld. Als je diezelfde wol gaat gebruiken is het prima om dat aantal wol te kopen.

Meters

Maar als je net als ik graag van een patroon afwijkt en andere wol gaat gebruiken, ligt het iets moeilijker. Want zoals net gezegd, ook al is 100g 100g, met de ene bol zal je meer wol hebben dan met een andere. Dus welke garantie heb je dan dat je genoeg wol zal hebben? Het zweet breekt me al uit.

In zo’n situatie kan het aantal meter je helpen. Want opnieuw 100m is 100m. Maar ook al kan het gewicht dan wisselen, de lengte van de draad die je nodig hebt om het stuk te breien zal niet wijzigen. Als je 840m nodig hebt voor die trui te breien in schapenwol, zal je nog steeds 840m nodig hebben als je hem in mohair zou breien. Laat ons wel zeggen dat je voor beide dezelfde naalddikte gebruikt.

Maak de omrekening

Maar hoe kan je nu net weten hoeveel wol je nodig hebt voor jouw project als je het in een andere wol wil maken? Want daar wringt nu het schoentje. Het antwoord is zoals vaak bij breien: wiskunde.

Check het type wol dat in het patroon vermeld staat. Om een voorbeeld te geven, koos ik even het September Sand patroon van Drops Design dat ik zou willen maken in een small.

Er staat vermeld dat ik 300g wol nodig heb van Drops Melody. Het aantal meter staat niet vermeld. Dus als je ze met andere wol wil maken, kijk je eerst hoeveel meter er op een bol van Drops Melody zit. Dat kan je vinden op de internet bij de pagina van de wol of in de winkel op het etiket. In dit geval komt dat op 140m per bol van 50g.

Dat wil zeggen dat je 6 bollen van 50g nodig hebt om de trui te breien. Met andere woorden heb je 6 keer 140m nodig. Dat is allemaal nog logisch en ik hoop dat je nog mee bent.

300g Drops Melody = 6 bollen van 50g = 6 x 140m = 840m Drops Melody

Dan kijk je naar het aantal meter op het etiket van de wol die je wil gebruiken. Stel dat ik het graag zou maken in de Merino Essentiel wol van DMC die ik gekocht had. Dan heb ik 250m op 100g. Nu kan je uitrekenen hoeveel bolletjes wol je zal nodig hebben om aan diezelfde aantal meter te komen.

840m Merino Essentiel DMC = 4 x 250m = 4 bollen van 100g = 400g Merino Essentiel DMC

Overschotjes

Misschien heb je iets opgemerkt in bovenstaande berekening. 4 keer 250m is geen 840m. Je zou maar 3,36 bollen nodig hebben om de trui te maken. Maar helaas koop je de wol altijd per bol (duh). Dus die vierde heb je zeker nodig. En je zal dus gewoon wol over hebben. Maar die kan je nog makkelijk voor iets anders gebruiken.

Het kan zelfs zijn dat als je de aangegeven wol gebruikt, je daar ook overschotten mee zal hebben. Want niemand wil net te weinig wol hebben en daardoor het project niet kunnen afwerken. Dus wordt er altijd een beetje meer gerekend.

Er hangt veel af van je steekverhouding. De ene breit losser dan de andere. Dat staat vast. Maar het patroon dient voor iedereen toegankelijk te zijn en iedereen heeft genoeg wol nodig. Dus overschotjes horen er nu eenmaal bij.

Als je niet onmiddellijk iets kan bedenken om met die overschotjes te maken, kan je de wol nog altijd aan de kant leggen voor later. Of binnenkort komen binnenbrengen in het Sjettekastje.

Dus volg je het patroon en gebruik je dezelfde wol die erin vermeld staat, kijk dan gerust naar het aantal gram op het etiket. Maar wil je het dolgraag in een andere wol maken, tel dan om naar meters. Je zal er een pak rustiger van slapen. Naar wat keek jij tot nu toe op het etiket?

Bronnen