Droomproject

Op proef

Deze week ben ik actief aan de slag gegaan met mijn wol. De bedoeling was om het kleurverloop juist te kunnen verwerken en om het ajourpatroon onder de knie te krijgen. Dus heb ik een soort van proeflapje gemaakt. En dit is het resultaat.

Kleurverloop

In een eerdere fase had ik besloten om met een monochrome kleurencombinatie. En ik heb beslist om het donkerste kleur onderaan te hebben. Hoe meer je naar boven gaat, hoe lichter de kleur wordt. Er bestaan bollen waarin dat het kleurverloop al verwerkt zit, maar ik heb gekozen voor 5 aparte bollen.

Het komt er dus op neer om de kleurschakeringen zo vloeiend mogelijk te laten overgaan. Er waren 2 mogelijkheden die ik kon doen. Met enkele draad of met dubbele draad. Ik heb beiden uitgeprobeerd.

Laat ik voor het gemak het donkerste kleur, kleur A noemen en het lichtste kleur E. Dat zal een pak handiger lezen.

Enkele draad

Ik had uitgerekend om ongeveer 8 rijen in kleur A te breien en dan een paar rijen af te wisselen. 2 rijen kleur B, 2 kleur A, opnieuw 2 rijen B en 2 rijen A. Dan 8 rijen in B, enzoverder. Maar je zag de overgang veel te goed.

Mijn voorkeur ging hier wel naartoe, omdat ik dan fijner kan werken met mijn ajourpatroon. En ik heb langer geniet van het maken van mijn trui, omdat de steken kleiner zijn.

Dubbele draad

Maar er bestaat een handige truc met dubbele draad die dit probleem kan oplossen. Je begint met 2 draden in kleur A. Na een paar rijen verander je één van de draden naar kleur B. Zo brei je een paar rijen in kleur AB. En dan verander je de tweede draad ook naar B. Zodat je dan verder breit in kleur BB.

Zo krijg je dan volgend kleurenschema: kleur AA, AB, BB, BC, CC, CD, DD, DE en EE. Het is dan een kwestie van de totale lengte van het werk om te zetten in een aantal rijen en dan eerlijk te verdelen.

Zo is de overgang echt heel mooi en veel minder opvallend. Maar dat maakt mijn wol automatisch dikker. Waardoor dat het ajourmotief een pak groter uitkomt. Maar het blijft wel mooi natuurlijk. Dus het is zeker haalbaar. Ik zal er alleen niet mee mogen overdrijven. Als ik de hoogte van één tekening aan hou zal dat oké zijn.

Na het wassen en opspannen vind ik dat het werk wel wat te losjes is. Dus ik wil zeker de naalddikte nog aanpassen. Nu heb ik een 8 gebruikt, maar ik denk dat een 7 beter zal zijn. Dan kan ik voor de boord een 6, of misschien zelfs een 5, gebruiken, zodat het mooi aansluit op de heupen.

Ajourmotief

Dit is dus de allereerste keer dat ik zoiets doe. En ik vind het al bij al wel geslaagd. Er zitten fouten in. Dat is zeker, maar nu weet ik waar ik op ga letten als ik mijn trui ga breien.

Het ajourmotief dat ik gekozen heb, ziet er op de teltekening zo uit. Het is een enkel telpatroon. Dat wil zeggen dat je in de oneven rijen mindert en omslagen maakt en in de even rijen gewoon breit.

Wat ik te laat door had, is dat dit ajourmotief in het gebruikte patroon van boven naar onder gebreid wordt en ik deze proef van onder naar boven gebreid heb. Hierdoor staat het op zijn kop. Tja, een beetje te veel aan mijn hoofd en slapeloze nachten, kunnen dit als resultaat hebben. Maar ik kan het heel eenvoudig oplossen door het telpatroon om te draaien. Easy fix.

Omslagen

In de eerste 4 rijen heb ik de omslagen niet volledig juist gedaan. Tussen 2 rechte steken neem je de draad naar voor zoals je de steek averechts zou breien. Dan krijg je een extra lusje op de naald die telt als een omslag. Dat deed ik verkeerd. Ik draaide mijn wol nog eens rond de naald, waardoor de omslag gedraaid op de naald zit en kleinere gaatjes maakt.

En wat een verschil dat het geeft! De gaatjes zijn er hoor, maar ze zijn niet goed zichtbaar. Waar ik de omslagen juist deed, komen ze veel mooier uit. Het minderen lukte prima. Die zitten allemaal goed. Enkel bij de blaadjes van de bloem ben ik een omslag vergeten. Maar ook dit kan allemaal opgelost worden.

Correcties

Ik was van plan om de tekening bovenaan rond de hals te verwerken. Maar door deze proef te maken en voor de spiegel te houden, zou het misschien wel mooier zijn om de bloem onderaan te verwerken. Dan zou die in de donkerste kleur gebreid worden.

Belang van deze proef

Zo zie je maar. Vroeger zou ik hals over kop begonnen zijn aan mijn trui. Als ik dan bovenaan aan de hals zou uitkomen en niet tevreden zou zijn, zou ik dan weer volledig opnieuw mogen beginnen. Dus beter dat ik nu eerst de test doe en zie waar ik blij mee ben. Weg frustraties.

En zo kan ik ook al eens proeven van de technieken, zodat ik dit wat meer onder de knie kan krijgen voor ik aan het echte werk begin. Ik weet dan ook dat wat ik in mijn hoofd heb al dan niet haalbaar zal zijn.

Tijdens de periode dat ik mijn werk zal voorbereiden kan ik dan het nieuwe proeflapje maken. Dus zo ga ik het dan aanpakken. Met dubbele draad, naald 7, ajourmotief in de juiste richting en onderaan in het donkerste kleur.

Weer een stapje dichter bij het eindresultaat. Ik kijk er al naar uit, maar zie ook wat een goede voorbereiding betekent. Wat vind je er van? Geef gerust je mening.

Bronnen:

Droomproject

Bolletjes wol maken

Deze week heb ik de wol ontvangen voor mijn droomtrui. Wauw, wat is ze mooi en zo zacht. Ik ben er zo blij mee en ik moet me echt inhouden om er niet onmiddellijk aan te beginnen. Maar alles volgens planning. Eerst nog wat technieken onder de knie krijgen.

En een van die technieken is “bol wol maken met draad aan de binnenkant uittrekbaar”. Daar kan ik al mee starten, want de wol die ik kreeg zit nu nog op strengen. Om daarmee te breien is het nodig om er eerst bollen van te maken.

Binnen- of buitenkant

Tot nu toe heb ik altijd wol gekocht in bolletjesformaat. En dan haalde ik het binnenste draadje er uit. Want als je van buitenaf werkt, loopt je bol overal naartoe. Ook al is daar een oplossing voor: een wolhouder. Er bestaan er in hout of je zelf kan er zelf een haken.

Maar ik werk liever van binnenuit. Dan loopt mijn bolletje niet weg. Alleen is het niet altijd zo eenvoudig om dat binnenste eindje te vinden. En meestal komt er dan een heel kluwen mee die je dan eerst nog moet ontwarren. Al vinden sommigen dat vervelend, ik kan daar eigenlijk mee leven.

Van streng tot bol

Maar bij strengen is het natuurlijk iets anders. Als je gewoon zou beginnen breien met de strengen, ligt alles onmiddellijk in de knoop en dat krijg je nooit meer goed. Dus eerst bolletjes maken. En daar is een bepaalde techniek voor.

Manueel

Charlotte van Charami legt uit hoe je dit volledig manueel kan doen met een rolletje. En ik ben volledig mee, maar het lijkt me een lastig en precies werkje. Hoeveel tijd heb je er niet voor nodig om dat zo mooi op te winden. Al geloof ik wel in oefening baart kunst.

Nu ben ik iemand die er niet achter staat om zo maar dingen te kopen, één keer gebruiken en dan ligt het daar om later op zolder te belanden. Dat staat eigenlijk niet (meer) in mijn woordenboek. Maar je hebt misschien ook al ondervonden dat het voor mij toch wel een beetje vooruit mag gaan. Ik zat hier dus eigenlijk een beetje met een dilemma.

Met een hulpmiddeltje

Maar zonder correct materiaal zie ik er bijna geen beginnen aan. Dat geldt ook voor andere dingen. Je kan ook geen nagel in de muur slaan als je geen hamer hebt. En voor dit klusje heb je maar 2 dingen nodig. Een wolwinder en een parapluhaspel. Na een beetje zoeken heb ik er gevonden op wolnut.

Dit is echt fantastisch en zo eenvoudig. Je plaatst beide instrumenten op de rand van een tafel. Zo ver mogelijk uiteen is het best. Dan plaats je de streng over de parapluhaspel, waarbij je dan zorgt dat die mooi opspant.

Het uiteinde die het vlotst afdraait (dat merk je wel, geloof me maar), steek je dan in het gleufje van de wolwinder bovenaan. En dan is het draaien maar. Het gaat niet om snelheid, maar om gelijkmatig draaien. Je kan niet ondertussen eventjes stoppen. Je draait door tot het einde van de streng. Steeds in dezelfde richting.

Kiezen

Dus heb ik de compromis gemaakt. Dit is geen materiaal die op zolder zal verdwijnen. En ik heb bewust gekozen voor degelijk materiaal aan de prijs die ik vind dat het waard is. Maar eigenlijk is dit een keuze die jij voor jezelf maakt. Wat voor mij werkt, kan voor jou vervelend zijn. Doe vooral wat voor jou werkt (maar stel je toch eventjes open voor de mogelijkheden).

En dan heb je eigenlijk ook nog steeds deze keuze. Je kan nog altijd met het buitenste draadje werken als je dat liever hebt.

Et voila, zo heb ik nu 5 mooie bolletjes. Nu komen ze precies uit de winkel, wat ze eigenlijk ook zo is, maar nu zijn ze in bolletjes verwerkt. Ik ben zo enthousiast, dat ik bijna echt sta te springen. Maar word jij ook zo draaierig als je de wol ziet draaien?

Bronnen:

Droomproject

Trui afwerken

Wat heb ik deze week veel bijgeleerd. Ik heb een online cursus gevolgd over hoe je een trui in elkaar steekt en het is plots of de mist in mijn hoofd is verdwenen. Zo logisch allemaal, dat ik daar eigenlijk zelf nog niet op had gedacht.

Al deed ik het meeste wel goed, toch waren er paar dingen die blijkbaar beter konden en dingen waarvan ik mijn ogen open trok. Zo zie je maar, dat je nooit klaar bent met leren. Ook al denk ik dat je sommige dingen gaandeweg oppikt en dat iedereen een beetje zijn eigen manier heeft. Het is goed om eens te zien, hoe een professional het juist aanpakt.

Dit wist ik al

Hierbij was ik wel al mee. Het proeflapje breien en correct wassen en blokken. Het berekenen van de steken en rijen. Alles opzetten, breien en afkanten. Dat had ik al volledig onder de knie.

Dit kan beter

Minderen

Maar minderen aan de armholtes en neklijn, dat kan nog een beetje beter. Ik wist niet dat je aan de twee kanten anders mindert. Ik deed dat altijd hetzelfde, door 2 steken samen te breien. Maar hierdoor gaat je steek op een bepaalde manier schuin liggen. En aan de ander kant is het mooier als je 2 steken afhaalt (1 R, 1 AV), ze opnieuw op de linker naald schuift en ze dan rechts samenbreit. Dan gaat de steek anders schuin liggen.

Dus vanaf nu doe ik: als ik schuine kant maak van links naar rechts, brei ik 2 steken samen. En als ik een schuine kant maak van rechts naar links, dan haal ik 2 steken af en brei ze samen. Dit is als het werk voor je ligt op de doorgaande naald. Dit is niet enkel op de armholtes, maar ook de neklijn en kap van de mouwen.

Zelfkanten

Aan het begin van elke rij breide ik de eerste steek al rechts als een zelfkant, want dat maakt het aan elkaar zetten van de stukken makkelijker. Maar ik wist niet dat je dit ook best doet bij de boordsteek. Maar nu ik dit zag, lijkt het me inderdaad ook logischer.

Blokken

Voor je alle stukken aan elkaar zet is het eerst nodig om te blokken. Hier had ik altijd schrik voor, maar heb gaande weg toch een paar video’s bekeken. Maar nu heb ik mijn fout gevonden. Je hoort het werk op te spannen tot de afmeting dat je zou moeten bekomen volgens het patroon. Is het achterpand 54cm breed, dan rek je het uit tot 54cm. Duh, zo logisch. Maar eigenlijk nooit bij stil gestaan.

Dit heeft me de ogen geopend

Volgorde

Het start eigenlijk al met de volgorde van de stukken in elkaar steken. Eerst de schouder naden, dan de zijkanten van de mouw aan voor- en achterpand. En dan pas de mouwnaad in één lijn met de zijnaden samennaaien.

Matrassteek

En dan de steek om alles dicht te naaien. Ik deed dat altijd dubbel. Ik stak voor in en kwam achter uit met een lus over de naad en dan ging er nog eens over met de stiksteek. Want ik was bang dat de stukken weer van elkaar zouden los komen en zo hangt alles echt wel goed vast.

Maar eigenlijk is de matrassteek voldoende. En het is juist hier dat de rechtse zelfkant heel erg van pas komt, want je ziet beter waar je steken liggen en je kan recht werken. Ook al toont die niet op de foto hieronder.

Losse eindjes

Na dat alle stukken aan elkaar hangen is het pas tijd om de eindjes in te werken. Deze die bij naden liggen (en de naden zijn niet te dik) kan je opnieuw met de matrassteek daar inwerken. Maar wat doe je met de draadjes waar je van bol wisselde? Die vond ik altijd zo moeilijk om goed vast te maken. Want je wil echt niet dat die loskomen.

Dus heb ik de truc nu gevonden. Aan de achterkant van de tricotsteek heb je allemaal boogjes. Je werkt in de lachjes (de onderste boogjes) en je gaat een steek omhoog en dan opzij weer omlaag. Na dat een paar keer te doen keer je terug ook weer een steek omhoog en omlaag. Er hoeft geen knobbel gemaakt te worden, maar ik denk wel dat ik nog eens door de draad ga gaan om zeker te zijn dat het goed vast zit.

Amai, ik voel me nu al zoveel zekerder. En ik kan het al toepassen op mijn bernadette die nu nog eventjes in de maak is, maar straks ineen kan gezet worden. En dan heb ik het helemaal onder de knie voor mijn droomtrui.

Heb jij nog tips en trucs om een trui in elkaar te steken? Deel het maar gerust.

Bronnen:

Droomproject

Nieuwe technieken leren

Patroon check, motief check, kleuren check, wol check. Nu ben ik klaar om me te verdiepen in wat ik allemaal zal bijleren met dit droomproject. De lat is bewust een beetje hoger gelegd, zodat ik zou kunnen bijleren. Want je bent er nooit klaar mee. Je kan eigenlijk niet zeggen, nu kan ik het allemaal.

En ik heb veel werk voor de boeg. Weet je nog de reden waarom ik met deze blog begonnen ben? Een trui waar ik zo trots op was, is helaas bij de eerste keer wassen uitgerokken. Dus dat wil ik zeker, zeker, zeker vermijden. Op het einde van de maand zal ik er al een stap dichter bij zijn.

To do-lijstje

Toen ik een tijdje geleden me de vraag stelde waarom ik nu juist die trui wou maken (lang voor ik specifiek dit patroon gekozen had), had ik een lijstje gemaakt met wat ik allemaal wou bijleren tijdens dit project.

Dit was toen mijn lijstje:

  • wol verven
  • trui leren in elkaar steken
  • ajour motief
  • kleurverloop
  • trui laten passen volgens steekverhouding
  • sneller eindresultaat via hendel breien
  • relaxere houding
  • makkelijker kleuren kiezen
  • weten welke wol voor welk project het beste is
  • zelfzekerder worden in mijn handwerk
  • correct wateren
  • meer leren genieten van het proces
  • dingen afwerken
  • correct draadjes instoppen
  • bol wol maken met draad aan de binnenkant uittrekbaar
  • de hoeveelheid wol kunnen inschatten

Done

Er zijn zaken die ik wel al heb bijgeleerd in de voorbije maanden. De afgelopen 3 maanden heb ik me bezig gehouden met kleuren te kiezen voor mijn project. Aan de hand van de kleurencombinaties heb ik een betere houvast om kleuren naast elkaar te leggen. En omdat ik nu weet dat ik een wintertype ben, weet ik met welke kleuren ik mooi sta. Met als resultaat deze mooie keuze:

In augustus ben ik een ontdekkingstocht begonnen in de wonderlijke wereld van wol. Ik heb nu een redelijk goed overzicht in de verschillende soorten wol en waarvoor je die best gebruikt. En daarbij hou ik ook de dikte van de wol in het achterhoofd. Dus weten welke wol voor welk project het beste is, kan ik dus ook al van de lijst schrappen.

Dingen afwerken heb ik ook al onder de knie. Zie mijn mooie droomdeken van vorige week. Negen weken lang heb ik een strook gehaakt door telkens een paar rijen per dag te doen. Dus niet stressen over zo’n groot project en er mee inzitten dat het niet zal afgewerkt geraken. Maar wel gestructureerd en effenaan verder doen. Eigenlijk kan ik zo ook al een beetje meer genieten van het proces.

Gaandeweg

Op dit moment ben ik bezig met een bernadette te maken voor Femma. Er was niet echt een patroon die 100% paste, dus heb ik zelf iets in elkaar gestoken. Ook al was ik een beetje te enthousiast en een beetje te snel, ik heb hiervan al veel bijgeleerd.

Het patroon waarop ik me voor deze bernadette gebaseerd heb is van Veritas en van Hobbydoos lange jas Eryn. (helaas niet meer online), maar op sommige vlakken kom ik info te kort. Vandaar dat ik dus zelf iets in elkaar gestoken heb. Naar een ruwe schatting kwam ik op 10 bollen wol die we zouden nodig hebben. Al kreeg ik de opmerking dat hoe groter je maat is, hoe meer wol je zal nodig hebben (en dat is helemaal waar). Dus voor een XXXL zal ik de berekening opnieuw doen. Sorry, dames die ingeschreven zijn en meelezen. Ik zet dit zeker voor jullie recht. Maar hierbij heb ik dus de hoeveelheid wol leren inschatten.

Babette van Veritas
Lange jas Eryn van Hobbydoos

Het proeflapje is gemaakt en correct gewassen. Zo heb ik al de rug kunnen aanpassen aan de steekverhouding. Nu ben ik bezig met de voorpanden en dan later nog de mouwen. Dus trui laten passen aan de steekverhouding, check.

Ik ben er nog niet helemaal. Maar tegen dat de lessen beginnen, zal die zeker klaar zijn. Het enige wat ik nog eens in detail ga bekijken, is hoe ik de stukken correct aan elkaar naai. Tot nu toe deed ik dat op een bepaalde manier die me aangegeven is niet echt juist te zijn. Maar je kan er niet om heen dat het stevig aan elkaar hangt. Maar omdat ik het juist wil kunnen, ga ik dit ook nog eventjes uitzoeken. Dan kan ik trui in elkaar leren steken ook afvinken.

Correcties

Ondertussen heb ik wol verven opgegeven, ook al was dat met pijn in het hart. Want dat wil ik echt wel leren. Op dit moment lukt het niet om mijn visie waar te maken om met natuurlijke middelen (zoals paprikapoeder) wol rood te verven. En ik vind het zonde om mooie wol te verpesten. Ik heb het niet van mijn lijstje geschrapt, maar uitgesteld naar een volgend project. Later misschien, als de tijd rijp is om het te kunnen. Toegeven dat het nu niet lukt, daar hoef ik me niet voor te schamen. Ik heb het tenminste geprobeerd.

Door het zoeken naar een snellere manier van breien, kwam ik een video tegen over hendelbreien. Het was de bedoeling om deze techniek te gaan gebruiken, zodat het wat meer vooruit zou gaan. Maar door het sukkelen met de draad, was ik eigenlijk veel trager. Dus door een beetje verder te zoeken en goeie raad (dank je wel, Inge), kwam ik bij Portugees breien uit. Met deze techniek ben ik volledig mee. En ik brei mooi gelijkmatig rechts en averechts. En ik heb het gevoel dat mijn schouders nog minder gespannen hoeven te zijn door de kleine bewegingen. Dus heb ik hendelbreien omgeruild voor Portugees breien. En check relaxere houding.

To do

Dus staan deze dingen nog op mijn to do-lijstje.

  • ajour motief
  • kleurverloop
  • zelfzekerder worden in mijn handwerk
  • correct wateren
  • meer leren genieten van het proces
  • correct draadjes instoppen
  • bol wol maken met draad aan de binnenkant uittrekbaar

Waarvan er een paar items gaandeweg ook zullen verbeteren. Zoals zelfzekerder worden in mijn handwerk en meer leren genieten van het proces. Alleen de andere items zal ik dus effectief moeten leren. Dat valt toch best nog mee, he.

Laat je dus zeker niet afschrikken als je de lat iets hoger voor jezelf legt. Uiteindelijk komt alles goed, zijn de wijze woorden. Daar kan je niet anders of op vertrouwen. En als het nog niet goedgekomen is, is het nog niet het einde. Welke dingen wil jij nog bijleren?

Bronnen:

Droomproject

De kleuren voor mijn droomproject

Vandaag mag ik eindelijk de knoop doorhakken. Welke kleuren ga ik gebruiken voor mijn droomtrui? Spannend! Ik weet nu al met welk seizoenstype ik ben en met welke kleuren ik mooi sta. Dus mag het helemaal geen probleem zijn om die te kiezen

Kleurencombinatie

Omdat ik graag met een kleurverloop wil werken, lijkt me een analoge kleurencombinatie ideaal. Want als ik met meerdere kleuren zou werken en daarbovenop nog eens het ajourmotief, denk ik dat het een beetje veel zal worden.

En omdat ik een wintertype ben, kan ik eigenlijk alle kleuren vanaf rood (over blauw) tot groen kiezen. En waar ik ook rekening mee ga houden, is dat ik mooi sta met heldere kleuren.

Eerder had ik al beslist om met merinowol te werken. En zo was ik uitgekomen bij Katia Merino 100% wol. Maar ik ben ook eens verder gaan kijken en ik heb iets moois ontdekt.

Katia Merino 100%

Dit is 100% Merinowol en is verkrijgbaar bij Suzywol. Dus dat voldoet alvast aan de vereisten. Een bolletje is 50g, dus heb ik een 5-6 tal kleuren nodig om mijn droomtrui te maken.

Ook al zijn er heel veel kleuren beschikbaar. Hierin wordt het heel moeilijk om een analoge kleurcombinatie te maken. Bij rood en blauw vind ik wel 5 kleuren, maar bij groen maar 3. Dus dacht ik dat er misschien andere opties beter zouden zijn.

De mogelijke kleurensets:

Scheepjes Metropolis

Vrijdag was ik bij suzywol om wol te kiezen voor een bernadette die we met Femma gaan breien en ik zag de bolletjes Metropolis van scheepjes liggen. Wat me er in aantrok is dat ze heel veel kleuren hebben die in elkaar overlopen.

Zo kan ik eigenlijk een set maken met een 5-6 tal kleuren. Elke bol is 50g. De samenstelling van deze wol is 75% merino en 25% nylon. Maar omdat ze een dunnere naald (2,5-3) is, zou ik dan wel met dubbele draad werken. Dan zou ik met naald 5 of 5,5 kunnen werken.

Na een beetje puzzelen, kom ik op deze sets:

Mini colour fade kit

Online kwam ik een paar mooie sets tegen die ideaal zouden zijn om te gebruiken. Sweet Georgia Yarns maakt een combinatie van 6 minibollen die binnen één kleur van donker naar licht overgaat. Zoals ik al zei, ideaal dus voor mijn droomtrui.

De wol bestaat uit 80% merino wol en 20% nylon. Elk bolletje is 28g. Voor 6 bolletjes komt dat op 168g. Dus zal ik waarschijnlijk 2 sets nodig hebben.

Ze hebben deze kleurensets:

Knopen doorhakken

Dus hier ben ik weer met mijn dilemma, welke kleur ga ik kiezen? Ik heb al zoveel blauw. Blauwe broeken, blauwe t-shirts, blauwe truien. Het is bij mij zo’n beetje het kleur dat bij andere mensen bruin of zwart zou zijn. Veilig.

Dus misschien liever groen of rood. Ik ben altijd al een beetje bang geweest voor rood. Want als je in films de vrouwen in rode jurken ziet, vind ik het moeilijk om mezelf daar in voor te stellen. Maar ik sta er echt wel mooi mee. Na een test is het zeker een kleur die ik mag overwegen. Al denk ik misschien aan een subtieler rood (eerder naar bordeaux).

Omdat rood misschien volledig outside te box is en momenteel nog een stap te ver, is groen misschien een goeie keuze op dit moment. Ik heb wel al een paar groene kledingstukken in de kast hangen.

Maar misschien mag het ook wel eens iets anders zijn. En rood kan ik ook met veel combineren. Ja, ik ga er voor! Ik spring en ga voor rood. En dan vind ik de mini colour fade sets het best passen voor mijn trui. Want er zijn genoeg bolletjes en een zuiver kleurverloop.

Welke kleurencombinatie heeft jouw voorkeur? Laat maar weten.

Bronnen:

Droomproject

Zelf mooie kleurencombinaties maken

Een hele tijd terug heb ik je al eens meegenomen in de wonderlijke wereld van kleuren. Maar het is één ding om voorgestelde kleurencombinaties te gebruiken, stel je eens voor dat je dat zelf kan! Daarom wil ik je vandaag hier de basis uitleggen. Volgende week ga ik het dan toepassen op de seizoenstypes die we vorige week besproken hebben.

Maar voor je start, zijn er een paar begrippen om te bekijken. Die zullen een beetje meer inzicht geven in de verschillende soorten kleuren die er zijn. En wat zijn het er veel. Ter kleine herhaling kunnen er een paar items van mijn vorige post in terug komen. Je hebt dus zeker niets gemist, als je die niet zou gelezen hebben. (Maar als je nog eventjes tijd hebt, mag je dat zeker doen hoor!)

Begrippen

Tint

Onder een tint, verstaan we de kleur zelf. Bijvoorbeeld rood, geel, groen, … Dus de primaire, secundaire en tertiaire kleuren. Deze kleuren vind je op het standaard kleurenwiel.

Kleurwaarde

Dit wil iets zeggen over hoe licht of donker de kleur is. Door zwart toe te voegen aan een kleur wordt die donkerder. Door wit toe te voegen, wordt die lichter.

Als je tinten met ongeveer dezelfde kleurwaarde naast elkaar zou leggen en je neemt er een zwart-wit foto van, dan zullen ze ongeveer ook dezelfde grijstint hebben. Wat er automatisch voor zorgt dat ze goed bij elkaar passen.

Verzadiging

Verzadiging zegt iets over de hoeveelheid kleur er effectief in de tint aanwezig is. Er is niets meer fel dan puur geel. Maar door grijs toe te voegen, neemt de hoeveelheid geelpigment af. Waardoor er een genuanceerdere tint ontstaat.

Kleurtemperatuur

Deze is toch belangrijk om nog even te vermelden. Elke kleur heeft een temperatuur. Rood voelt warmer aan en blauw voelt koeler aan. Maar binnen een zelfde kleur kan je zowel een warme tint als een koude tint hebben. Je ziet dit vooral bij beiges en grijs. Blauwgrijs zal koeler aanvoelen dan bruingrijs.

Verschillende soorten standaard kleurencombinaties

Bij een kleurencombinatie kijken we naar hoe kleuren tegenover elkaar staan. Als je een paar kleuren naast elkaar legt en het een mooie combinatie vindt, dan zijn de kleuren in harmonie. Dit kan je instinctief al doen. Maar als dat bij jou zo niet is, dan zijn er zeker een paar vaste regels die zullen werken.

Monochroom

Als je kleuren binnen dezelfde tint, maar met een andere kleurwaarde naast elkaar legt, krijg je een monochrome kleurencombinatie. Je gebruikt lichtere en donkere versies van één kleur. Dit is de eenvoudigste, waarmee je nooit kan missen.

Analoog

Naast elkaar liggende kleuren op het kleurenwiel geven een analoge kleurencombinatie. Door geleidelijk aan het ene kleur af te bouwen en de andere op te bouwen, krijg je mooie schakeringen en het gevoel dat ze in elkaar overlopen. Ook een echte winner.

Complementair

Dit is er eentje voor de durvers. Als je tegenoverliggende kleuren op het kleurenwiel combineert, maak je een complementaire kleurencombinatie.

Tegenoverliggende kleuren geven elkaar rust. Stel dat je rood met groen combineert. Groen bestaat uit blauw en geel, alles dat rood niet is. Maar samen zit het hele kleurenwiel er in verwerkt. Ze vullen elkaar dus aan en zijn complementair.

Gesplitst complementair

Deze is niet zo makkelijk uit te leggen, maar het maakt wel hele mooie combinaties. De foto zal duidelijker zijn.

Dit is wanneer je twee tegenoverliggende kleuren neemt, maar van de ene kleur de twee naastliggende kleuren neemt. Dus bij ons voorbeeld van rood en groen, wordt dat rood, blauwgroen en geelgroen. Of groen, blauwrood en geelrood. Je neemt net die ene tint naast het complementaire kleur naar keuze.

Driehoek en vierkant

Deze zijn heel eenvoudig toe te passen. Je neemt drie of vier tinten op het kleurenwiel die even ver uit elkaar liggen. Je kan het met iedere tint doen. Easy peasy!

Voor gevorderden

Uiteraard hoef je je niet strikt aan deze regels te houden. En sterker nog, je kan ze zelfs combineren. Je kan een monochrome selectie maken van 1 tint in 3 kleurwaarden en die aanvullen met een complementaire kleur.

Of wat dacht je van deze. Drie aanliggende kleuren aangevuld met 2 andere kleuren die het vierkant op het kleurenwiel maakt.

Alles kan, de wereld ligt aan je voeten! Laat maar weten welke kleuren jij bij elkaar legt.

Bronnen

Droomproject

Kleuranalyse

Helaas kan ik niet anders of mijn nederlaag toegeven. Na twee keer proberen, lukt het me niet om een rode kleur op mijn wol te krijgen. Mijn eerste poging was paprika, mijn tweede rode biet. Beiden zijn niet fel genoeg en verkleuren naar bruin. Omdat ik makkelijk dingen forceer en nu aanvoel dat het me niet zal lukken, geef ik nog niet op. Maar ik stel het uit. Het lukt gewoon niet op dit moment. Misschien later wel.

Maar vanaf nu mag ik op zoek gaan naar het kleur voor mijn trui. En daar ben ik heel enthousiast over. Door mijn opleiding interieurvormgeving vind ik het heel interessant welke impact kleur op je heeft. Dat is zeker niet te onderschatten. Omdat zelf verven nu niet lukt, ga ik kiezen uit de kleuren van bestaande merinowol.

Kleuren werken op je gemoed

Van rood word je heel alert, terwijl je van blauw kan kalmeren. Waarom zou je dat niet in gedachten houden bij het kiezen van het kleur van een trui. Want ‘s morgens kiezen we de kleding die we die dag zullen dragen op gevoel. Dus de keuze van het gevoel dat ik bij deze droomtrui wil creëren wil ik graag doordacht maken.

Eigenlijk start het allemaal met de kleuren waarmee je goed staat. Maar hoe bepaal je dat juist? Er bestaan kleuranalyses die een kleurenkaart maken op basis van seizoen. Hieronder een overzichtje. En dan weet je straks welk kleurtype je bent en welke kleuren mooi bij je staan.

Maar eerst kun je best een paar tests doen:

  • Test 1: goud of zilver? Welke past het best bij jou? Als dat goud is, heb je een warme huidtint. Als dat zilver is, heb je een koude huidtint.
  • Test 2: blauw of groen? Welke kleur hebben de aderen op je pols? Als die eerder groen zijn, heb je een warme huidtint. Als die eerder blauw zijn, heb je een koude huidtint.
  • Test 3: Welke kleur hebben je ogen? Dit bepaalt het seizoen. Bruine of groene ogen gaan richting warme seizoenen. Grijze, blauwe en zwarte ogen gaan richting koude seizoenen.

Seizoenstypes

Lentetype (warm)

Lentetypes hebben overwegend een lichte haarkleur. Bijvoorbeeld blond tot licht rossig. Ogen zijn blauw, lichtbruin of groen. De huid is licht maar heeft een warme ondertoon, meestal met sproetjes. Tussen huid en haar is weinig contrast en je bruint niet snel in de zon.

Als je jezelf hierin herkent, zijn dit jouw kleuren om te dragen: mosgroen, koraalrood, goudbruin, inktblauw en alle zandtinten. Ook lichte pasteltinten of krachtigere kleuren zoals geel, oranjerood, appelgroen en turquoise staan je goed. Kleuren om te vermijden: donkere, gedempte kleuren, zwart, spierwit en koele kleuren.

Zomertypen (koud)

Heb je ook blond haar en zijn je ogen blauw of grijsgroen, maar heeft je huid een koelere ondertoon? Dan ben je een zomertype.

Daarom passen deze koele kleuren beter bij jou: blauwgroen, grijsbruin, lavendel, blauwgrijs, aubergine, poederroze, jeansblauw en pastelkleuren met een blauwige ondertoon. Beter vermijden: zwart, beige oranje en goud.

Herfsttype (warm)

Eigenlijk is dit het lentetype met donker haar. Huidskleur is licht tot beige, soms met sproetjes in de zomer. Ogen zijn groen of hazelnoot.

De kleuren die in de natuur voorkomen zijn jouw kleuren: kaki, terra cotta, bruinrood, mosgroen, oranje, beige, koffiebruin, olijfgroen of abrikoos. Deze kleuren maken je minder mooi: blauw, roze en grijs.

Wintertype (koud)

Een wintertype heeft een bleke, lichte huid met een koude ondertoon. Haren zijn donkerbruin tot zwart. Het contrast tussen huid en haar is dus groot.

Jij kiest best voor heldere kleuren: rood, groen en kleuren met een blauwe ondertoon. Deze kleuren haal je beter niet in huis: oranje, bruin, perzik en beige.

Resultaat

Om je een idee te geven van de kleuren, heb ik de staaltjes van Katia merino 100% er bij getoond. Dat is de wol die ik ga gebruiken voor mijn trui. Er zijn heel veel beschikbare kleuren, dus is dit ideaal om een kleurenwiel van te maken. Wel een kleine opmerking in de kantlijn: kleuren op scherm kunnen anders tonen dan in de werkelijkheid.

Heb je ook gemerkt dat het seizoen niets te maken heeft met de temperaturen in de echte seizoenen. Een lente is fris, maar het lentetype heeft wel een warme ondertoon. Terwijl de zomer heet is en het zomertype een koude ondertoon heeft. Denk er niet te veel bij na, want het is gewoon zo.

Naar mijn gevoel ben ik een wintertype. Al lijk ik helemaal niet op de foto. Maar ik heb donkerblond haar, blauwe ogen en een lichte huid. Dus dat klopt wel. En ik heb ook veel blauwe kledij en heldere kleuren in mijn kleerkast. Dus dat klopt ook. En de drie tests kwamen uit op koud.

Heb jij de test gedaan? Welk kleurtype ben jij? Laat het me maar weten.

Bronnen:

Droomproject

Wol verven: de voorbereiding

Deze week draaide rond materiaal verzamelen. Het is de bedoeling om de wol te verven voor mijn prachtig droomproject en daar heb ik een heleboel voor nodig. Omdat ik merinowol koos is er een specifieke techniek die ik zal volgen. Dit wil ik deze week met je delen.

Mijn zoektocht

Voor ik kan starten heb ik nog een heleboel dingen nodig:

  • kleurstof
  • wol van dierlijke afkomst
  • azijn
  • aluin
  • kookpot in RVS
  • kookvuur
  • schaal in RVS
  • lepel om te roeren
  • juwelenweegschaal
  • thermometer
  • maatbeker
  • emmer
  • afgedekte tafel
  • handschoenen
  • schort
  • water
  • wasmiddel
  • masker

Gelukkig had ik er al een deel van in huis, zoals azijn, emmer, tafel en afdekking, handschoenen en schort, .… De wol heb ik vorige week gevonden en ik ben er grotendeels uit wat ik voor verfstof ga gebruiken. Paprikapoeder wordt mijn rood en kurkuma wordt mijn geel. Enkel met blauw zit ik nog een beetje vast. Ik had spirulina besteld, maar blijkbaar zijn er 2 soorten: groene en blauwe. En je raadt nooit welke ik kreeg. Juist, de verkeerde …

Aluin heb ik kunnen vinden bij de drogist, toen ik een uitstapje Sluis deed. Daar verkopen ze het in een pot van 1kg. Ik zal dus voorlopig nog eventjes toekomen.

Maar ik heb dus nog een heleboel te kort, zoals de juwelenweegschaal en een thermometer, een kookvuur en een schaal in RVS. Je zou denken dat ik in de keuken toch wel een kookvuur heb. En ja, dat is zo. Maar ik lees vooral dat het belangrijk is om je spullen die je voor verf wil gebruiken best buiten de keuken houdt. Dit voor de veiligheid. Al is dit misschien relatief omdat ik ga verven met voedingsstoffen. Maar toch, beter het zekere voor het onzekere nemen.

Dus ben ik er gisteren vol goeie moed (en een mondmasker) op uitgetrokken om deze dingen te vinden. Omdat ik met een beperkt budget zit, ben ik langs geweest bij Action (want daar hebben ze echt alles) en de tweedehandswinkel van Oxfam. Helaas heb ik dit daar niet gevonden. Ik was dus een klein beetje teleurgesteld.

Maar ik geef de zoektocht nog niet op! Ik ben van plan om nog eens te kijken in de winkel waar ik mijn wekelijkse boodschappen doe. Daar hebben ze ook een rek met keukengerei. Misschien kan ik daar al het een en ander vinden.

Voor de dingen die ik daar toch niet zou vinden, kan ik nog online zoeken. Lang leve de online wereld! Daar zou ik het toch zeker moeten kunnen vinden.

De stappen

Wol voorbereiden

Het is belangrijk om eerst de wol op een streng te winden. De wol die ik kreeg, heb ik als streng ontvangen. Maar omdat ik graag eerst een kleurenwiel en -piramide wil maken, heb ik 30 strengetjes nodig van 3 gram. Dat kan ik mooi uit één streng van 100 gram halen. Dus ben ik alvast begonnen met mijn ministrengen.

Een garenparaplu zou hierbij handig zijn, maar die heb ik niet. Gelukkig werkt een stoel ook. Weet je nog dat je vroeger van je mama of oma je handen uit elkaar moest houden met daarrond dan de streng. Hiervoor dus. Om alles bij elkaar te houden, maak je dan een paar 8-lussen (niet te strak).

Wol wassen en weken

Het is heel belangrijk om eerst de wol te wassen. De spinolie en het vuil die nog op het garen zitten, zorgen er voor dat de verf niet goed kan binden. Dus altijd eerst wassen. Gebruik hiervoor een emmer met warm water en wasmiddel. Voorzichtig roeren, want de wol kan vervilten. En dan uitspoelen.

De verfstof wordt ook beter opgenomen als de wol volledig nat is. Hiervoor leg je die best dan nog een halfuur in proper warm water.

Het verfbad maken

De regel is voor 100 gram wol, 100 gram verfstof gebruiken. Dit is 1% kleurdiepte. Als ik lichter of donker wil kan ik dit aanpassen. Wil ik een tint lichter (vb: 0,5% kleurdiepte), dan kan ik 50 gram verfstof voor 100 gram wol gebruiken. Dit is de theorie dat ik wil uittesten met mijn ministrengetjes.

Vul de kookpot met water en de verfstof. Verwarm het water zodat deze de verfstof beter opneemt. In het begin zal het een beetje experimenteren zijn, om te ontdekken wat goed werkt. Want dit is de eerste keer dat ik het uitprobeer.

Beitsen

Dit zorgt er voor dat de vezels van de wol zich open zetten. Er zijn verschillende methodes, maar ik kwam vooral aluin tegen. Hier is de regel 15 gram aluin per 100 gram. Los dit eerst op in een klein beetje warm water.

Breng dit tot ongeveer 40°C en voeg dan het aluinmengsel toe. Goed roeren en dan de wol toevoegen. Dan verder opwarmen tot 90°C en minimum een uur laten pruttelen. Wel opletten dat de wol niet verbrandt. Spoel uit.

Verven

Verwarm de verf tot 50 graden en voeg de wol toe. Breng de temperatuur tot 90°C en laat opnieuw een uur staan. Het is belangrijk dat de wol niet kookt, want daar wordt het stug van. Daarna mag het een nachtje blijven staan.

Naspoelen en fixeren

Na het nachtje rusten, heeft het alle tijd gehad om de verf op te nemen. Om die kleur te fixeren mag je de wol na het uitwassen in een teiltje met een scheut azijn doen en een uurtje laten staan. Voor de rest is het een kwestie van laten uitdrogen en dan is de wol klaar.

Dit is de theorie die ik ga volgen. Nog eens, ik heb dit nog nooit gedaan, dus ik weet niet of het zal lukken. Ik weet wel dat het zal lukken, maar ik weet niet wat het resultaat zal zijn. En of dat een goed resultaat zal zijn. En dat is een klein beetje beangstigend, maar ook een spannende uitdaging.

Ik weet alleen niet hoe ik het voor elkaar ga krijgen om een kleurwiel te maken als er zoveel tijd gaat over één verfbad. Als ik 30 bolletjes wil kleuren ben ik dan zeker 30 dagen non stop bezig. Misschien kan ik het verfbad overbrengen in een ander potje, zodat ik een paar kleuren na elkaar kan verwerken.

Nog iets om over na te denken. Wat denk je? Gaat het me lukken? En is mijn idee realistisch?

Bronnen:

Droomproject

Verschillende woldiktes

Vorige week heb ik gekozen voor merinowol. Dus (na een klein dipje) ben ik opnieuw met volle moed op zoek gegaan naar ongeverfde wol online. Ondertussen heb ik er gevonden en kan ik niet wachten tot mijn pakketje er is.

Maar tijdens het zoeken kwam ik verschillende termen tegen zoals DK, lace weight, aran, …. Omdat ik aan het zoeken was op Engelse sites, zijn dit natuurlijk Engelse termen. Omdat ik er nog nooit van gehoord had, was ik een beetje overdonderd door wat het zou betekenen. Na wat onderzoek bleek dat dit de termen voor de diktes van wol zijn.

Kiezen volgens dikte van wol of kleur.

Wanneer ik wol ga shoppen in de winkel sta ik hier niet echt bij stil. Ik kies meestal op kleur. En dan afhankelijk van wat ik wil maken, ga ik op zoek naar een bepaalde dikte. Voor een doorsnee trui zou ik bijvoorbeeld naar dikte 4-5 gaan. Maar nooit gedacht dat daar een term op geplakt werd.

Maar in functie van het zoeken naar ongeverfde wol, kan ik daar wel iets in vinden. Want er is heel veel keuze en dan zie je onmiddellijk welke dikte de wol heeft. Maar als ik het me nu zo bedenk, zou ik dat ook beter doen als ik naar de winkel ga.

Want de dikte van de wol is belangrijker dan de kleur. Want dat zou het toch moeten zijn in functie van je project. Maar nu ik dit schrijf wil ik dit al onmiddellijk tegenspreken. Want kleur is zeker niet te onderschatten. Het kan een impact hebben op je gemoed en dat is toch ook heel belangrijk. Onderaan heb ik een poll toegevoegd om eens te polsen wat jij er van denkt.

Diktes

Ik wil vandaag de diktes even overlopen en waarvoor deze het best gebruikt kunnen worden. Want een dunne draad om een dikke plaid te maken, is echt niet handig. De termen zijn dan misschien in het Engels, maar ze kunnen je helpen als je net als ik op zoek bent naar wol op Engelse sites. De rest is wel eens handig om te weten en kan je boven je bed hangen om niet te vergeten.

Lace

  • Naalddikte: 1-2,25
  • Projecten: shawls, sjaals
  • Andere termen: 1-2 draads

Super fine

  • Naalddikte: 2,25-3,25
  • Projecten: sokken, mutsen, handschoenen
  • Andere termen: 3-4 draads

Fine

  • Naalddikte: 3,25-3,75
  • Projecten: mutsen, sokken, sjaals, cardigans, truien
  • Andere termen: 5-draads

Light

  • Naalddikte: 3,75-4,5
  • Projecten: truien
  • Andere termen: DK (double knit), 8-draads

Medium

  • Naalddikte: 4,5-5,5
  • Projecten: een beetje van alles
  • Andere termen: Worsted/Aran, 10-draads

Bulky

  • Naalddikte: 5,5-8
  • Projecten: snelle projecten, knusse items (vb: cosy plaid)
  • Andere termen: 12-draads

Super bulky

  • Naalddikte: 8-12,75
  • Projecten: warme dikke items
  • Andere termen: super chunky – 16-draads

Jumbo

  • Naalddikte: 12,75 en groter
  • Projecten: decoratie, dekens

Nog een belangrijke opmerking. Bij lace en super fine staan het aantal draden aangegeven. Maar dat is eigenlijk niet wat de dikte van de draad bepaald. Ik heb medium garen tegen gekomen die maar 2-draads waren. Veel hangt af van het spinnen. Maar dat is een van mijn volgende wonderlijke tochten in de wonderlijke wereld van wol die ik wil ontdekken.

Wat ik ook gemerkt heb tijdens mijn zoektocht is dat de naalddiktes een beetje kunnen overlappen. Soms valt 4,5-5,5 ook onder DK of light. De termen geven een indicatie en kunnen je helpen om gerichter te zoeken. Maar ik zou je toch aanraden om ook zeker de effectieve naalddikte te checken.

Het is ook mogelijk om een dikke wintertrui in een bulky garen te maken. Er hangt veel af van wat je wil bekomen. Bovenstaande is een richtlijn, maar zeker niet vast. Het geeft je richting, maar soms mag je wel eens outside the box denken.

In de praktijk

Weet je nog dat ik een tijdje geleden aangaf dat ik soms halverwege teleurgesteld was van het resultaat. En dan trok ik alles opnieuw uit en begon op nieuw. Met dit inzicht kan ik het resultaat beter inschatten en zal die kans kleiner zijn.

Dus even terug komend op mijn droomproject. Ik maak een trui met ajourmotief en kleurverloop in merinowol. Als ik dan op zoek wil gaan naar de juiste dikte, wil ik gaan voor light of medium. Liefst medium, want het mag voor mij ook een beetje vooruit gaan. Maar om mijn ajourmotief mooi te laten uitkomen, mag de wol ook niet te dik zijn.

Het model voor mijn trui

De wol die ik gevonden heb is 100% organische merinowol dikte DK (4,5-5,5). Daarmee denk ik dat ik de beste keuze gemaakt heb. Ik heb het gevonden bij Yarn undyed.

Ik krijg nu plots wat schrik van het kleurverloop. Het idee was om een paar draden samen te breien om een gemengd kleur te hebben, maar daarvoor zal het waarschijnlijk te dik zijn. Misschien kan ik dit bij het verven van de wol verwerken. Maar ik heb dat ook nog nooit gedaan. Oh nee, waar ben ik aan begonnen? Ik hoop echt dat dit goed komt.

Dat komt wel goed. Ik heb nog tijd om dat uit te zoeken. En over tijd gesproken, ik wou nog even naar mijn planning kijken en ik ben aangenaam verrast dat ik nog steeds op schema zit. Joepie! In de maand augustus ga ik op zoek naar de materialen die ik nodig heb. Wol check!

Naar mijn gevoel ga je automatisch wel richting de juiste diktes voor je project, hoor. Voor een cosy trui neem je makkelijker een dikkere draad dan een dunne. Want anders kan je het gewenste resultaat niet bereiken.

Maar ik herinner me in het begin dat ik startte met breien en haken, dat ik toch regelmatig hulp vroeg voor welke dikte ik nodig had. Dus als je een beginnende brei(st)er of ha(a)k(st)er bent, dan hoop ik dat je dit net zo handig vindt als ik. Maar nu ben ik een gevorderde breister en vind ik dat het me meer inzicht geeft in mijn keuze. Laat me zeker weten of jij dit nuttig vindt.

Bronnen:

Droomproject

Soorten wol

Het kriebelt om er aan te beginnen. Ik wil wol verven en liefst nu al. Maar bij het zoeken naar ongeverfde wol, kwam ik nogal wat opstakels tegen. Het loopt niet echt van een leien dakje, laten we zeggen. Dus ben ik een beetje ontmoedigd (zoals je in dit bericht wel zal merken).

Ten eerste vind je niet zo makkelijk ongeverfde wol. Via internet vind je er wel een paar, maar de wol komt vaak van ver en is meestal duurder dan de geverfde wol die ik anders koop. Wat volledig onlogisch is, want er zijn minder bewerkingen gedaan. Maar ja, dat is mijn logica… Soms zit ik er volledig naast.

Het is voor mij belangrijk om te weten welke impact de verschillende soorten wol hebben, dus wil ik een doordachte keuze maken. Ik wil met respect voor het milieu en dieren mijn creaties maken. Daarom heb ik er een paar levensstijlen bij vermeld. Schrik niet, (spoiler alert!) maar uiteindelijk komt alles goed.

Ten tweede is er zoveel keus, dat ik door het bos de bomen niet meer zie. Daarom wil ik met jullie even over de soorten wol gaan. En welke garens kan je best gebruiken voor een bepaald project.

Er zijn 3 grote categorieën:

  • dierlijk
  • plantaardig
  • synthetisch

Dierlijk

Schapenwol

Deze wol is warm en duurzaam. En daarbovenop is ze heel makkelijk schoon te maken.

Project: sjaals, sweaters en handschoenen, mutsen en sokken.

Kasjmier

Deze wol is zachter dan schapenwol, maar niet zo sterk. Het wordt gezien als een luxewol, omdat deze afkomstig is van de kasjmiergeit.

Project: kledij.

Alpaca

Ook deze wol is zachter dan schapenwol, maar houdt niet zo goed zijn vorm. Omdat ze afkomstig is van de Zuid-Amerikaanse Alpaca, is ze ook duurder.

Project: winterkledij

Merino wol

Eigenlijk is dit een schapenwol. Ze is afkomstig van Merino schapen. Deze wol is dus even zacht als andere schapenwol, maar ook anti-allergeen en vormvast. Deze is dus zeker een aanrader. Maar het kan wel snel pluizen, wat vervelend kan zijn.

Project: winterkledij

Organische wol

Dit is de milieuvriendelijke variant. Er zijn geen chemicaliën gebruikt tijdens het proces. Het is meestal vervaardigd van merino wol dus heb je dezelfde kwaliteit.

Project: winterkledij

Zijde

Deze wol komt van de zijderups. Het is dit het duurste wol die je zal vinden. Maar het is heel sterk, glanzend en superzacht.

Project: zomer items

Mohair

Deze wol is licht pluizig en heeft kleine haartjes, daarom kan hij kriebelen. Maar hij is zacht en duurzaam. Deze wol is ook iets luxueuzer en dus duurder.

Project: winter en zomer items

Nu ga ik mezelf een beetje in nesten werken. Want zoals je al gelezen hebt, ben ik nogal bezig met zero waste en ecologische voetafdrukken. Maar eigenlijk heb ik ook de reflex om het dierenwelzijn in gedachten te houden. Het kan niet dat dieren uitgebuit worden voor hun wol, zodat er een massaproductie kan ontstaan.

Dus je kan zo ver gaan als een vegetarische levensstijl of je kan all the way gaan en veganist worden. Niet dat ik beide ben. Maar als jij dat wel bent, kies je beter voor plantaardige garens.

Plantaardig

(Bio)katoen

Deze wol is afkomstig van de katoenplant. Ze is licht en sterk. Als je de kans hebt, ga dan zeker voor biokatoen.

Project: zomerkledij, vaatdoeken, onderzetters

Hennep

Deze is iets ruwer en draagt zwaar. Daarom wordt ze niet echt gebruikt voor breien en haken.

Project: macrame

Bamboe

Er wordt geoogst van bamboestengels. Het voordeel is dat deze anti-bacterieel is, maar ook goed drapeert. En daar bovenop is ze super zacht.

Project: zomer items, items die gedrapeerd moeten worden

Ook met deze plantaardige garens kan ik mezelf in de nesten werken. Want katoen vraagt een hele intensieve aanpak om te verwerken, waardoor het een enorme aanslag is op het milieu. Kies daarom als je de kans hebt voor biokatoen. Er zijn minder pesticiden en reinigingsmiddelen gebruikt tijdens de levenscyclus. Dus kan deze alleen maar aangenamer zijn om te dragen.

En bamboe komt meestal uit Aziatische landen, dus heeft die al een enorme rit er op zitten voor het hier is. Daarnaast worden er veel chemicaliën gebruikt tijdens het verwerkingsproces. Maar het groeit heel snel en het is heel duurzaam. Dus is dit toch het overwegen waard.

Synthetisch

Acryl

Het is heel goedkoop en wast makkelijk. Het is ideaal voor startende breiers en hakers. En daarnaast is het nog kleurvast ook.

Project: sjaals, plaids

Daarnaast heb je ook polyester en nylon. Deze garens zou ik zeker niet aanraden, want ze worden vervaardigd uit aardolie (dat een fossiele brandstof is) en bij het wassen komen er microplastics vrij die bijdragen aan de vervuiling van ons water.

En vergeet ook zeker niet alle soorten gemengde wol. Door verschillende soorten samen te voegen, worden de voordelen ervan gecombineerd. De keuze is eindeloos.

De juiste wol kiezen

Nu ben ik er dus aan voor de moeite. Dierlijke wol is niet vegan, plantaardige wol heeft een te grote impact op het milieu en synthetische wol draagt bij tot plasticvervuiling. Met wat kan je dan wel nog werken?

Ik denk dat dit allemaal met een korreltje zout genomen kan worden. Zolang je je bewust bent van wat er gebeurd en welke stappen er nodig waren om die bol wol tot bij jou te krijgen en je er respectvol mee omgaat, kan je het verantwoorden.

Daarom ben ik op zoek naar een lokale schapenboerderij die het belang voor de dieren op de eerste plaats zet. Ik wil er informeren of ik eventueel zo aan wol kan geraken. Minder CO2-uitstoot, check. Diervriendelijk, check.

Mijn voorkeur voor dit project gaat uit naar organische merinowol. Of als ik het kan vinden schapenwol uit de buurt. De volgende stap is dus om het te vinden. En liefst ook al gesponnen, want dat kan ik zelf niet. Laat me zeker weten welke jouw favoriet is.

Bronnen: